Om deze website te kunnen gebruiken dient u Javascript in te schakelen.

EHL-blog: Hersenkronkels

Persoonlijke aanpak onmisbaar bij herstel na een hersenschudding

Uit eerder onderzoek van onder andere dr. Daan Verberne en dr. Melloney Wijenberg van het EHL weten we dat de meeste mensen na een hersenschudding goed herstellen, maar dat zo’n vijftien procent van de patiënten na zes maanden nog zoveel klachten ervaart dat ze maatschappelijk dreigen vast te lopen. Het gaat dan om klachten als vermoeidheid, duizeligheid, concentratieproblemen, en pijn. 

Hersenschudding

Het is tot nu toe nog niet goed duidelijk hoe we aanhoudende klachten na een hersenschudding kunnen voorkomen en behandelen. Een standaard nazorgtraject ontbreekt. Patiënten worden vaak naar huis gestuurd met het advies het een tijdje rustig aan te doen. Daardoor kan het gebeuren dat mensen die een hersenschudding hebben opgelopen, bij een toename van klachten denken dat ze het nog rustiger aan moeten blijven doen. Maar dit kán averechts werken. De klachten kunnen op die manier juist blijven bestaan, of zelfs verergeren. Daarom is het krijgen van passende en duidelijke informatie juist erg belangrijk. Echter zijn goede informatie over wat een hersenschudding is en bijkomende adviezen niet altijd even duidelijk, of ontbreken in sommige gevallen compleet.

Nieuwe aanpak
Bij het VieCuri Medisch Centrum in Venlo hebben we een nieuwe aanpak ontwikkeld voor de nazorg na een hersenschudding. Uit eerder onderzoek is gebleken dat uitleg en geruststelling ten aanzien van de klachten belangrijk, maar niet voldoende zijn voor alle patiënten. Anderzijds is het bieden van een uitgebreide behandeling aan álle patiënten niet efficiënt noch noodzakelijk, aangezien de meeste patiënten gelukkig wel goed en vlot herstellen. In de nieuwe op maat gesneden aanpak, die bestaat uit vier onderdelen, wordt daarop als volgt ingespeeld;

  1. Alle patiënten krijgen een folder met informatie over hersenschuddingen en hebben de mogelijkheid om laagdrempelig vragen te stellen aan één van de onderzoekers die gespecialiseerd zijn in neuropsychologie tijdens een telefonisch spreekuur.  
  2. Binnen twee weken kijken we welke patiënten risico lopen op incompleet herstel. We gebruiken daarvoor risicofactoren die uit eerder onderzoek voorspellend bleken te zijn voor incompleet herstel (risicofactoren zijn bijvoorbeeld een minder goede omgang met stressvolle situaties en problemen, en een hoge mate van emotioneel lijden vlak na de hersenschudding).
  3. Na twee maanden benaderen we patiënten met een verhoogd risico op incompleet herstel voor een telefonische afspraak. In deze korte afspraak, afgestemd op de behoefte van de patiënt, bieden we informatie en geruststelling ten aanzien van het herstel na het oplopen van een hersenschudding. Ook coachen we patiënten bij het stapsgewijs hervatten van activiteiten. Het telefonisch consult bij de risicogroep kan een sleutelmoment zijn in hun herstel, waar o.a. onder- of overbelasting en negatieve verwachtingen die herstel potentieel in de weg staan worden besproken en concrete alternatieven worden geboden.
  4. Indien nodig, kunnen we een tweede of derde consult plannen, of patiënten doorverwijzen voor revalidatie- of psychologische behandeling (maar de verwachting is dat dit niet vaak nodig zal zijn). 

Onderzoek
We onderzoeken of deze nieuwe aanpak werkt. Daarvoor zullen we de nieuwe aanpak vergelijken met eerder verzamelde gegevens over klachten en beperkingen – waarbij de nieuwe aanpak nog niet werd aangeboden. Uiteindelijk hopen we langdurige klachten en maatschappelijk vastlopen na een hersenschudding met deze op maat gesneden aanpak te voorkomen. Als deze relatief eenvoudige aanpak effectief blijkt te zijn, zou het mooi zijn als deze ook op andere plekken zal worden toegepast.

Robin & Jeroen

Robin van Pinxteren (links) is in opleiding tot klinisch neuropsycholoog bij het VieCuri Medisch Centrum te Venlo, afdeling Medische Psychologie. Voor haar opleiding doet zij onderzoek naar het voorkomen van aanhoudende klachten na een hersenschudding bij het Expertisecentrum Hersenletsel Limburg (Maastricht University).

Jeroen Roor (rechts) is werkzaam als klinisch neuropsycholoog/opleider in het VieCuri Medisch Centrum te Venlo, afdeling Medische Psychologie. Daarnaast is hij bijna klaar met zijn proefschrift over het thema prestatievaliditeit. Parallel daaraan is hij gestart met onderzoek naar het voorkomen van vastlopen in aanhoudende klachten na een hersenschudding bij het Expertisecentrum Hersenletsel Limburg (Maastricht University).

 

Sluit de enquête