De meeste mensen denken bij het woord revalideren aan “oefenen”. Zo ook onze patiënten. Revalideren is meer dan alleen oefenen, het gaat over aanpassen aan een veranderd leven en het weer oppakken van de draad van het leven. Iemand herleert praktische handelingen zoals lopen en spreken (en daar moet je inderdaad voor oefenen), maar iemand leert ook vaardigheden als hulp vragen, grenzen aangeven, en omgaan met onbegrip. De inzet van onze psychologen en maatschappelijk werkenden is dan ook van groot belang.
Ik haal mevrouw en mijnheer Jansen uit de wachtkamer op in de veronderstelling dat het de laatste keer zal zijn. Mevrouw heeft 8 maanden geleden een beroerte gehad met een lichte halfzijdige verlamming en woordvindstoornissen als gevolg. Deze stoornissen zijn hersteld. Ze heeft haar vrijwilligerswerk weer opgepakt maar blijft ontevreden. Ze is snel moe en vindt zichzelf de oude niet meer. Aan mijn bureau ontstaat er een discussie tussen de echtlieden. Mijnheer Janssen geeft aan dat hij de draad van hun leven weer wil oppakken. De revalidatie heeft zijn werk gedaan. Het is goed zo. Mevrouw vindt echter dan ze pas op de helft is. Het moet beter. Ze zitten duidelijk niet op één lijn. Ik stel een nieuw gesprek met onze maatschappelijk werker voor om hierover te spreken; dat accepteren ze graag.
In het dossier van mevrouw Somers, weduwe en 75 jaar, lees ik dat er een gesprek heeft plaatsgevonden tussen onze psycholoog, mevrouw, en haar kinderen. Ze is 2 maanden geleden verwezen door de fysiotherapeute in de 1ste lijn die niet ‘ver’ met mevrouw kwam ondanks de wekelijkse therapie. Het is nu al meer dan 1 jaar na de beroerte. Zo wilde ze niet leven, gaf ze aan bij onze eerste ontmoeting. De dagelijkse confrontatie met het moeizaam bewegen en de traagheid kon ze niet verdragen. De gesprekken met onze psycholoog en maatschappelijk werker geeft wat lucht. Het benoemen van spijt- en schuldgevoelens naar haar kinderen geeft ruimte om weer vooruit te kijken.
Mevrouw Vink wil niet huilen en het niet over haar erfelijke aandoening hebben, alleen maar over het beter kunnen lopen en fietsen. De tranen komen toch vanzelf toen we het hadden over de impact van haar hersenletsel op haar jonge kinderen. Zouden zij dit later ook krijgen? Praten wil ze niet. Wel oefenen. Ik haal haar over om kennis te maken met onze psycholoog. Samen zoeken ze naar lichtpuntjes, ze oefenen het stilstaan bij activiteiten die wel goed gaan. Zo komen ze uit bij het oppakken van vrijwilligerswerk.
Uit deze 3 voorbeelden kunt u wel zien dat revalideren complex is en veel meer is dan simpelweg ‘oefenen’. Ieder mens is anders en daarom vraagt iedere revalidatiebehandeling ook een insteek op maat. Met revalideren probeer je zo ver te komen dat iemand weer kan en wil nadenken over de toekomst. Het is een heel proces. Het vechten tegen verdriet en zaken waar je geen controle over hebt, loslaten, en vooruitkijken. Samen met je partner, kinderen of vrienden, de draad van het leven weer oppakken.
Anne Visser-Meily, revalidatiearts, hoogleraar revalidatiegeneeskunde UMC Utrecht. Leert nog dagelijks van mensen met hersenletsel, hoe zij de draad weer oppakken. Columnist Hersenletsel Magazine, het blad van de patiëntenvereniging Hersenletsel.nl. Onderzoeker naar hoe we mensen met hersenletsel en hun naasten beter kunnen helpen in hun proces om de draad van het leven weer op te pakken.