“It is not what you look at that matters, it is what you see.” (Het is niet waar je naar kijkt dat van belang is, maar het is wat je ziet.) – Thoreau. Maar wat als niemand anders kan zien wat jij ziet? Maakt dat het minder waar? Minder echt?
Objectief versus subjectief
We leven niet in één maar in twee parallelle realiteiten: De objectieve realiteit, gegrond in wetenschap, verzekert ons dat water bij 100 graden Celsius kookt en bij 0 graden Celsius bevriest. Aan de andere kant wordt de subjectieve werkelijkheid gevormd door onze unieke identiteit, die bepaalt wat voor ons van betekenis is, wat onze voorkeuren zijn en wat ons gelukkig maakt. Subjectieve ervaringen variëren van persoon tot persoon; zo kan de ene persoon de voorkeur geven aan jazz, terwijl een ander geniet van rockmuziek.
In de gezondheidszorg wordt er ook onderscheid gemaakt tussen iemands objectieve gezondheidsstatus en de subjectieve ervaring hiervan. Bijvoorbeeld, voor het beoordelen van geheugenfuncties worden taken gebruikt waarbij de patiënt een lijst met woorden moet onthouden en later reproduceren. Deze prestatie wordt vervolgens vergeleken met die van andere mensen van vergelijkbare leeftijd, geslacht en opleidingsniveau, wat resulteert in een objectieve evaluatie van de geheugenfuncties. Echter is het niet ongebruikelijk dat de beleving van een patiënt over diens geheugenfunctie afwijkt van deze objectieve beoordeling. Waar komt het verschil in deze ervaring vandaan?
Twee realiteiten
Neem twee mensen, laten we ze Sara en Amy noemen, die aan het wandelen zijn wanneer het plotseling begint te regenen. Amy kijkt geïrriteerd naar de lucht en vervloekt de regen, terwijl Sara met plezier haar armen uitstrekt en de regen opvangt met haar handen. Het objectieve feit is dat het regent. Maar de ervaring van Sara en Amy van deze gedeelde realiteit wordt beïnvloed door hun emoties, herinneringen, voorkeuren en persoonlijke ervaringen. Amy, die van bergbeklimmen houdt, zou de regen kunnen associëren met een gladde ondergrond, die gevaar tijdens het klimmen met zich meebrengt. Voor Sara daarentegen, zou de regen een teken kunnen zijn voor die langverwachte stijging in het waterniveau van de rivier waardoor de perfecte omstandigheden ontstaan voor haar aanstaande kano-expeditie.
De paradox
Zelden zouden we Amy’s en Sara’s realiteit in twijfel trekken, we accepteren dat individuele ervaringen in een dergelijke situatie simpelweg verschillen. Echter, wanneer Amy en Sara twee herstellende patiënten van dezelfde ziekte zouden zijn, waarbij Amy haar leven onmiddellijk weer oppakt terwijl Sara kampt met extreme vermoeidheid, spanning en geheugenklachten, is er toch vaak verbazing wanneer we hier geen fysiologische oorzaak voor kunnen vinden.
De uitleg
In tegenstelling tot fysieke aandoeningen, die vaak zichtbare symptomen hebben zoals een gebroken bot of huiduitslag, uiten geestelijke gezondheidsproblemen zich voornamelijk intern door middel van emoties en gedachten. De onzichtbaarheid van de symptomen kan leiden tot scepticisme of misverstanden over de ernst van deze problemen. In het verleden heeft men de neiging gehad de geest van het lichaam te scheiden, waarbij geestelijke en fysieke gezondheid als afzonderlijke entiteiten werden gezien. Dit heeft bijgedragen aan het stigma rondom geestelijke gezondheidsproblemen. Tegenwoordig beschouwen we de fysieke en geestelijke gezondheid echter als één verweven geheel, waarbij psychologische hulp fysieke symptomen kan verlichten en vice versa. Desalniettemin zijn oude gewoontes en stigma’s hardnekkig. Het besef dat geestelijke gezondheid net zo legitiem en belangrijk is als fysieke gezondheid, is belangrijk voor het vormen van een meer empathische en ondersteunende maatschappij.
Wat als niemand anders kan zien wat jij ziet? Maakt dat het minder waar?
Onze emotionele staat, herinneringen, en persoonlijke ervaringen vormen een lens waardoor we de realiteit waarnemen. Omdat deze elementen voor iedereen uniek zijn, zullen geen twee mensen exact dezelfde ervaring van een gebeurtenis hebben. Het is dus vaak het geval dat onze persoonlijke beleving niet volledig overeenkomt met de objectieve realiteit. Hoe zouden we anders verklaren dat de tijd lijkt te vliegen wanneer we plezier hebben?
Subjectieve ervaringen zijn oprecht en authentiek voor de persoon die ze ervaart. In de gezondheidszorg zou het subjectieve welzijn van een patiënt uiteindelijk minstens even zwaar moeten wegen als de objectieve gezondheidsstatus, en een verschil tussen de twee zou een indicatie kunnen zijn voor deskundigen om hun zoektocht uit te breiden naar een niet-biologische oorzaak.
Simona Klinkhammer is promovendus bij het Expertisecentrum Hersenletsel Limburg (Maastricht University). Zij doet onderzoek naar de gevolgen van COVID-19 voor de hersenen, cognitie en mentale gezondheid.